Mijn brief aan de koning

Ik heb een brief verstuurd aan onze koning om mijn zorgen te uiten over het opzij zetten van een belangrijk principe in onze rechtstaat : De burger is onschuldig tot het tegendeel bewezen is.

Ik heb inmiddels antwoord ontvangen, van de koning zelf en daarna ook van minister Kuipers.

——————————————————————————————-

Z.M. Koning Willem-Alexander

Paleis Noordeinde 

Postbus 30412 

2500 GK Den Haag

Amsterdam, dinsdag 26 oktober 2021

Majesteit,

Wat zou het heerlijk zijn wanneer we razendsnel en gelouterd uit deze crisis zijn. Helaas gaat dat niet vanzelf. Een belangrijke voorwaarde is bijvoorbeeld dat er draagvlak is voor de manier waarop de problemen in de gezondheidszorg opgelost worden en dat ze gebaseerd is op de juiste principes. Principes die in een democratie niet onderhandelbaar zijn, of dat tenminste niet zouden mogen zijn. 

Het lastige is alleen dat het kabinet bij het uitvoeren van beleid de neiging heeft om principes opzij te schuiven. Dit gebeurde bij de toeslagen-affaire, bij het uithuis plaatsen van kinderen en nu ook bij het bestrijden van het coronavirus. Ik doel hierbij op het principe ‘De burger is onschuldig/gezond tot het tegendeel bewezen is’. Dit uitgangspunt biedt de burger veiligheid en beschermt tegen machts-misbruik maar heeft, nu ook in het geval van het corona-beleid, plaats moeten maken voor exact het tegenovergestelde: ‘De burger is schuldig/ziek tot hij bewijst dat dit niet zo is’

Het leidt ertoe dat de burger zonder geldige reden schuldig wordt verklaard en dan zelf moet gaan bewijzen dat hij onschuldig is, op de manier waarop de overheid verlangt. 

Dat is, zoals U zich kunt voorstellen, een fuik waar je als burger niet uitkomt. 

Je kunt immers niet bewijzen dat je geen fraudeur bent of een goede moeder bent of gezond. Er is altijd wel iets te vinden, een bonnetje dat je over het hoofd hebt gezien, je hebt een keer geschreeuwd tegen je kind of je bent in aanraking geweest met iemand die covid had. 

Dit belangrijke uitgangspunt in onze rechtsstaat moet dus liever vandaag dan morgen hersteld worden zodat de burger weer onschuldig/betrouwbaar/goede moeder/ gezond is, tot het tegendeel bewezen is. 

Ik zal zo bondig mogelijk duidelijk maken hoe dit omgekeerde principe ongemerkt het uitgangspunt is geworden van het corona-beleid en wat daarvan de gevolgen zijn.

Essentieel principe in onze rechtstaat werd opzij geschoven

Op 23 maart 2020 kondigde het kabinet de intelligente lock-down af. Impliciet uitgangspunt hierbij was : iedere burger is een bedreiging voor de gezondheid van een ander. 

Een gerechtvaardigd uitgangsput gezien de beelden die ons bereikten uit Bergamo.  

Het lastige was alleen dat de verschuiving van principes geen bewuste keuze was, waardoor de gevolgen niet werden doorgerekend en het ook niet werd getoetst.  

Terwijl dat wel had moeten gebeuren.

In de zomer van 2020 bleek namelijk dat je alleen een ander kon besmetten als je klachten had. Bovendien was duidelijk geworden dat vooral de kwetsbaren, mensen met onderliggend lijden, kans hadden om ernstig ziek te worden. John P. A. Ioannidis berekende de IFR (Infection Fatality Rate) die erop neer kwam dat mensen onder de 70 jaar, na een besmetting, wereldwijd gemiddeld 0,05% kans hadden om te overlijden. (WHO bulleting D:BLT.20265892)

Zelfs de heer van Dissel, die meestal wat aan de voorzichtige kant is, liet in de briefing van juli 2020 weten dat ruim 98% van de mensen geen tot nauwelijks last heeft van een besmetting.

Op dat moment had het oorspronkelijke principe in de rechtstaat hersteld moeten worden, simpelweg omdat er geen aanleiding was om alle burgers als een bedreiging te zien. 

En toch gebeurde dat niet.

Noodsituatie bleef van kracht

Door de vergrijzing en een decennium aan bezuinigen kreunden de ziekenhuizen onder de toestroom van corona-patiënten die intensieve zorg nodig hebben. Dit probleem moest nodig opgelost. 

Het kabinet had hier verschillende mogelijkheden voor. De zorg opschalen, leefstijl-ziekten aanpakken – meer bewegen vitamine C, D en zink -, prioriteit geven aan het verhogen van de luchtkwaliteit in binnenruimten én er kon meer ingezet worden op medicijnen en behandelmethoden, waardoor levens konden worden gered. 

Het kabinet bleek echter, zonder dat de samenleving hiervan op de hoogte was, een geheel eigen visie te hebben ontwikkeld op onze gezondheidszorg. Het hele probleem werd teruggebracht tot het bestrijden van het coronavirus en daar was maar één oplossing voor : Het vaccin. 

Er was alleen wel een klein nadeel. Het moest nog ontwikkeld worden.

Wachten op vaccin

Talloze organisaties en onafhankelijke experts vroegen zich af hoe een vaccin dat nog ontwikkeld moest worden de enige oplossing kon zijn. Moest de crisis niet aangepakt worden op de plek waar de problemen ontstaan; bij de wortel. Kon het niet én én? Kon de zorg niet ook worden opgeschaald?  En kon er niet ook een ventilatieplan ontwikkeld worden? 

Hoeveel onderzoeken de onafhankelijke experts ook op tafel legden, het kabinet wees ze pertinent van de hand en helaas, deTweede Kamer en media accepteerden dit zonder vragen te stellen.

Ondertussen werd er dus niets gedaan aan de problemen in de zorg. Niet geheel verwonderlijk luidden de ziekenhuizen, zodra de R in de maand was, de noodklok. 

De situatie werd al snel zo nijpend dat er binnen de kortste keren een nieuwe lock-down nodig was. 

Opnieuw werd iedere burger gezien als een bedreiging voor de gezondheid van een ander en een bedreiging voor de gezondheidszorg. Door het ontbreken van controle op het beleid kon het kabinet vervolgens voorwaarden stellen waarvan de noodzakelijkheid, effectiviteit en veiligheid niet bewezen werden. 

Je bent geen bedreiging als…

Je mocht bijvoorbeeld je huis uit als je 1.5 meter afstand hield – ook in de buitenlucht, terwijl daar nooit een besmetting gesignaleerd was -, je mocht alleen een winkel in als je een mondkap droeg –  hierbij was niet duidelijk of dit een symboolfunctie had of dat het masker daadwerkelijk iets tegenhield – en het bezoeken van grote bijeenkomsten was alleen mogelijk als je een PCR-test onderging die aantoonde dat je geen covid had. Een test waarvan al snel duidelijk was dat hij geen actief virus kan aantonen, maar desondanks breed werd ingezet en een graadmeter was voor het ‘gevaar’.

Mechanisme

U begint ongetwijfeld het mechanisme te zien.

De overheid geeft de burger zonder directe aanleiding het stempel dat hij een bedreiging is (in dit geval voor de gezondheid van een ander en de gezondheidszorg) en vervolgens moet de burger aantonen dat hij geen bedreiging is, op de manier die de overheid goedkeurt.  Vervolgens stelt de overheid voorwaarden waarvan de noodzakelijk, effectief en veiligheid ook nog eens niet worden bewezen. 

De boel is inmiddels omgedraaid 

Het is de wereld op zijn hoofd. Op deze manier wordt de burger een speelbal van de overheid. 

De overheid kan immers ineens zeggen: “Er is een terreurdreiging, wat er precies aan de hand is, daar kunnen we geen mededelingen over doen, maar u moet erop vertrouwen dat experts heel goed weten dat er groot gevaar is en daarom moet iedereen nu aantonen dat hij geen bedreiging vormt voor de samenleving. Als hij dat niet kan doen op de manier die wij van hem verlangen dan krijgt hij het predikaat ‘bedreiging’ en mag hij niet de straat op.”

Dat is in wezen hoe er nu met de dreiging op de gezondheidszorg wordt omgegaan. Iedereen wordt gezien als een bedreiging en mensen mogen alleen naar een restaurant, theater of sportkantine als ze twee keer gevaccineerd zijn, een herstelbewijs hebben of een test hebben gedaan. 

Maar wie zegt dat het daar bij blijft?

Als we accepteren dat overheidsbeleid gestut wordt met deze schadelijk pijler; ‘De burger is schuldig tot hij bewijst dat niet schuldig is, op de manier die de overheid verlangt’, dan duurt het niet lang of we zitten allemaal met een enkelband thuis. 

De bewijslast moet daarom altijd bij de overheid liggen, ook wanneer er een crisis is. 

En als de overheid voorwaarden stelt (maatregelen neemt) dan moeten deze altijd – ook in een crisis – onafhankelijk getoetst worden op noodzakelijkheid, effectiviteit en veiligheid.

Tot slot

Ik heb geen idee of en wanneer mensen door hebben dat een essentieel principe in onze rechtstaat plaats heeft moeten maken voor het tegenovergesteld en of ze vervolgens de noodzaak voelen om te zeggen. “Ho Stop! We zijn bereid om alles te doen om grote maatschappelijke problemen op te lossen, maar dan wel op basis van de juiste principes.”

Het enige dat ik wel weet is dat als burgers dit belangrijke principe en uitgangspunten in onze rechtstaat willen herstellen, dat ze Uw steun dan enorm hard nodig hebben. 

Ik dank U zeer voor Uw aandacht. 

Met mijn allerhartelijkste groet, 

Esmé Lammers 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s